Wat leren de kinderen op school?

6 Wat leren de kinderen op school?
 
In dit hoofdstuk beschrijven we wat uw kind leert op school. Als school proberen we zo actueel mogelijk te zijn, maar voor een groot deel ligt de leerstof vast in de methoden die we gebruiken. De vakken taal, lezen en rekenen vormen de kern van ons onderwijs. Het zijn basisvaardigheden, ze vormen de basis voor elke andere ontwikkeling. Daarom legt onze school nadruk op deze vakken.
 
Per groep is het onderwijsaanbod uiteraard verschillend, maar twee dingen vinden in iedere groep plaats. De schooldag wordt begonnen met de bijbelles: we zingen en bidden en –enigszins afhankelijk van de groep- drie maal per week wordt een bijbelverhaal verteld dat op vrijdag wordt verwerkt. Hiervoor gebruiken we de methode Startpunt. Iedere week wordt een christelijk lied of psalm aangeleerd. In de groepen 7 en 8 brengen we de kinderen ook in aanraking met de kerkgeschiedenis en leren we de kinderen omgaan met de Bijbel als boek.
Ook wordt in iedere groep systematisch aandacht besteed aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen. We hanteren daartoe de methode ‘Beter omgaan met jezelf en de ander’. Dmv. spel, rollenspelen, verhalen, oefeningen en opdrachten leren we de kinderen een positief zelfbeeld te verkrijgen, goed om te gaan met anderen en sociale vaardigheden te ontwikkelen. Als school stellen we ons ten doel het pedagogisch klimaat zo in te richten dat kinderen èn leerkrachten eraan wennen om vrijuit te praten over gevoelens en kwetsbare ervaringen.
 
Voor we een beschrijving per groep geven, nog iets over het onderwijs aan kleuters en dat aan oudere kinderen.
 
6.1 GROEP 1 EN 2
M.i.v. het schooljaar 2004-2005 zijn we op de Nassauschool in onze kleutergroepen van start gegaan met een vorm van onderwijs die Ontwikkelingsgericht Onderwijs (afgekort: OGO) wordt genoemd. Inmiddels wordt in alle groepen het OGO toegepast. OGO is geen vaststaand programma, maar biedt kinderen steeds gevarieerde activiteiten die de ontwikkeling in zijn totaliteit stimuleren. Van groot belang is dat kinderen zelf inbreng hebben. We geven dus geen begrippenlesjes over groot-groter-grootst, maar bieden bijvoorbeeld deze activiteit aan: van diverse dozen, kleden en planken een huis bouwen. Daarbij komt het begrip groter ook ter sprake. Alleen maken de kinderen er zo veel zinvoller, speelser en creatiever kennis mee. Bovendien zorgt een huis bouwen ervoor dat kinderen met anderen een plan moeten maken, moeten samenwerken, problemen als ‘het dak stort in’ moeten oplossen, vindingrijk moeten zijn, creatief, etc. We noemen dit een ‘rijke’ ontwikkelingsgerichte activiteit. Vooral als de hulp van de leerkracht de kinderen op diverse fronten vooruit helpt. (In termen van OGO heet dit: kinderen de stap laten zetten in de naaste zone van hun ontwikkeling.) In de praktijk zijn we steeds op zoek naar ontwikkelingsactiviteiten waarin de 4 B’s zichtbaar zijn:
 
B – Betrokkenheid van kinderen
B – Brede bedoelingen in zich hebben
B – Betekenisvolle activiteiten zijn
B – Bemiddelende rol van de leerkracht
 
Zelfstandigheid, initiatief durven nemen, samenwerken ed. zijn even belangrijk als de verstandelijke ontwikkeling. Daarom moeten ze in elke activiteit gestimuleerd worden.
Maar specifieke kennis en vaardigheden zoals lezen, schrijven en rekenen moeten natuurlijk ook aangeleerd worden. Deze vaardigheden proberen we zoveel mogelijk in te passen in thematische activiteiten (werken met thema’s). De bestaande methodes gebruiken we daarbij als hulpmiddel, we volgen dezelfde leerlijnen en houden de ontwikkeling van kinderen in deze activiteiten met behulp van observaties nauwkeurig bij. De leerkracht probeert goed te kijken en te luisteren naar het kind om erachter te komen wat het wil en kan en waarbij het geholpen moet worden. De leerkracht praat daarover met het kind, maar doet dat op zo’n manier dat het kind zelf plannen of oplossingen bedenkt. Het kind krijgt dus de ruimte om zelf te denken!
 
Eigen ervaringen vinden we ook belangrijk. Daarom horen bij de thema’s vaak uitstapjes, bijvoorbeeld een bezoek aan het postkantoor. De kinderen vertellen daarover en passen opgedane kennis toe. De leerkrachten vullen aan en breiden uit.
 
Activiteiten met de 4 B’s zijn op school te vinden in het werk in de hoeken. We kennen in de onderbouw de huishoek, de bouwhoek, de lees-schrijfhoek, de themahoek (bijv. postkantoor), de zand-watertafel, de reken-wiskundehoek en de knutselhoek. In de hoeken zijn verplichte en keuzeactiviteiten. In het hoekenwerk kun je zien dat kinderen zich via het rollenspel naar de leeractiviteit ontwikkelen.
 
Binnen ontwikkelingsgericht onderwijs valt direct de bijzondere aandacht voor het rollenspel op. Kinderen tussen de 4 en de 8 jaar kunnen zichzelf heel lang en intensief bezig houden met deze vorm van spelen. Wat we bedoelen is het spel dat ze met elkaar spelen waarbij zowel de volwassen wereld als de eigen fantasiewereld een plaats krijgt. Dat spel begint meestal zo: ‘Dan was jij de moeder en ik het kind.’ Kinderen spelen het graag, ze gaan er helemaal in op en kunnen het lang volhouden (als ze zich goed ontwikkelen). Door dit spel imiteren kinderen de volwassenen (dokter, buschauffeur, winkelier, etc.) en dat is precies wat ze nodig hebben om deel te kunnen nemen aan het sociale verkeer. Ze leren:
 
  • Rekening houden met anderen, met regels en met afspraken
  • Omgaan met materialen die steeds van betekenis kunnen veranderen (een doos kan een boot zijn, maar ook een hut)
  • Omgaan met apparaten zoals een telefoon of een kassa
  • Zelf attributen maken die ze nodig hebben
  • Omgaan met cijfers, geschreven woord (etiketten op boodschappen, boodschappenbriefjes), symbolen en pictogrammen (rode kruis op EHBO-koffer).
 
Er wordt in het spel een begin gemaakt met abstract denken, want veel is ‘zogenaamd’. (‘Dit was zogenaamd een stoplicht.’) Zowel op school als thuis moeten we veel gelegenheid geven voor dit spel. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat kinderen geen ontwikkelingsfase kunnen overslaan. Het kind ontwikkelt zich via dit rollenspel en gaat daarna pas over tot leeractiviteiten. Wanneer kinderen niet goed ‘spelen’, zullen ze problemen krijgen met leren!
 
 
 
6.2 GROEP 3/8
Vanaf groep 3 verandert er het een en ander. Het 'speelse' karakter van het onderwijs maakt plaats voor een meer 'schools' karakter. Wel streven we er naar die overgang zo klein mogelijk te laten zijn. Zo zijn er in groep 3 extra speelmomenten ingebouwd, er is in deze groep een huis- en bouwhoek. Vanaf groep 4 werken de kinderen vanaf februari met een takenkaart. In de groepen 3 tot en met 8 wordt ook vanuit het ontwikkelingsgericht onderwijs gewerkt.
In onze school hanteren we het leerstofjaarklassensysteem. We vinden dat voor onze school het meest geschikt: systematisch werken we toe naar een zo optimaal mogelijk eindresultaat zonder daarbij het individuele kind uit het oog te verliezen. Belangrijk hulpmiddel bij ons onderwijs zijn de methoden die we gebruiken. De afgelopen jaren is veel tijd en geld geïnvesteerd in methoden die meer recht doen aan de individuele verschillen tussen kinderen dan de vroegere methoden.
 
6.3 WELKE METHODEN GEBRUIKEN WIJ
6.3.1 Rekenen en wiskunde
We werken met de rekenmethode: ‘Wis en Reken’. Deze methode voldoet aan de door de overheid gestelde eisen aan het hedendaagse rekenen.
 
6.3.2 Nederlandse Taal
Sinds 2 jaar zijn we gestart met een nieuwe taalmethode in de groepen 4 t/m 8, ‘Taal in beeld’. Taalonderwijs is veel omvattend: de woordenschat wordt uitgebreid, ideeën worden verwoord, luisteren naar anderen, het schrijven van verhalen en spreekbeurten. Bij deze methode werken we met een aparte spellingsmethode, ‘Spelling in beeld’. Op deze manier bieden we een uitgebalanceerd pakket dat voldoet aan de eisen die aan goed taalonderwijs gesteld mogen worden. In groep 1 en 2 wordt gewerkt met de themamap ‘Raai de Kraai’ en vanaf dit schooljaar ook met Schatkist. De map en Schatkist biedt een goed aanbod op de beginnende geletterdheid, actieve en passieve woordenschat en de spreekvaardigheid en de algemene ontwikkeling van kleuters.
 
6.3.3 Lezen
In groep 3 wordt een start gemaakt met het leren lezen. Dat doen we met de nieuwe versie van de methode 'Veilig leren lezen'. Deze methode leert de kinderen lezen met de nieuwste inzichten op het gebied van de didactiek van het leesonderwijs. 
 
 
 
 
 
Vanaf groep 4 wordt het technisch lezen verder geoefend aan de hand van verschillende leesseries. Ook wordt dan begonnen met het begrijpend en studerend lezen. Sinds vorig jaar werken we in groep 4 met de methode Lezen in Beeld.
In de groepen 5, 6, 7 en 8 wordt er gewerkt met de methode “Nieuwsbegrip XL”, dit is een begrijpend leesmethode. Deze (digitale) methode voldoet ruimschoots aan de eisen van het huidige basisonderwijs.
We leren de kinderen niet alleen technisch en begrijpend lezen, we proberen ze ook liefde voor boeken bij te brengen. Daarom wordt er voorgelezen en mogen kinderen zelf lezen in de schoolbibliotheek. We lenen regelmatig boeken via de bibliobus en de bibliotheek in Wezep om het aanbod van boeken op peil te houden.
Jaarlijks brengen ook enkele groepen een bezoek aan de bibliotheek om ook op deze manier het lezen te bevorderen. Verder proberen we zoveel mogelijk deel te nemen aan door de bibliotheek geïnitieerde activiteiten.
 
6.3.4 Schrijven
Vanaf groep 4 leren we de kinderen schrijven met de methode 'Schrijfsleutel'. Groep 3 werkt met de methode ‘Pennenstreken’ omdat deze methode aansluit bij de nieuwe leesmethode.
 
6.3.5 Engels
Vanaf dit schooljaar starten we in vanaf groep 5 met engels, daarvoor hebben we de methode 'Hello world 2' aangeschaft. In groep 5 en 6 wordt er om de week Engelse les gegeven en in groep 7 en 8 is dit wekelijks.
 
6.3.6 Wereldoriëntatie
Wereldoriëntatie omvat de vakken aardrijkskunde, geschiedenis en biologie.
Voor wereldoriëntatie [geschiedenis, aardrijkskunde en biologie ineen] hebben we een nieuwe methode namelijk Topondernemers. Deze methode is heel goed te gebruiken bij de manier waarop wij wereldoriëntatie geven. We volgen sinds vorig schooljaar niet meer slaafs de methoden, maar passen ons onderwijsaanbod aan bij de thema’s, omdat we op deze manier beter kunnen aansluiten bij de belevingswereld van de kinderen. We gebruiken Topondernemers en de methoden van geschiedenis ‘Bij de tijd’, aardrijkskunde ‘Een wereld van verschil’ en biologie ‘Natuurlijk’ als bron voor informatie en we gebruiken de lessen die bij het thema passen. We gaan bij het vak wereldoriëntatie uit van de kerndoelen die de overheid heeft vastgesteld. Om zeker te weten dat alle kerndoelen aan bod komen, heeft iedere groep een eigen ‘kerndoelenmap’ hierin wordt afgevinkt welke kerndoelen behandeld zijn. Deze map gaat met de groep mee, zodat we kunnen controleren dat alle doelen in de groepen 5 t/m 8 aan bod komen.
 
6.3.7 Verkeer
Voor verkeer gebruiken we de methode ‘Klaar over!’ Een methode die voldoet aan de huidige kerndoelen voor verkeer.
Eenmaal in de twee jaar doen de kinderen van groep 7/8 mee aan het verkeersexamen.
Ieder jaar wordt deelgenomen aan het ‘dode hoek project’.
 
6.3.8 Bewegingsonderwijs
De kleuters zijn dagelijks te vinden in het speellokaal, zowel 's morgens als 's middags. Bij goed weer spelen ze natuurlijk buiten op het plein.
Per week krijgen de kinderen vanaf groep 3 twee maal drie kwartier bewegingsonderwijs.
Bij bewegingsonderwijs maken we o.a. gebruik van de methode 'Basislessen bewegingsonderwijs'. Dit jaar is er schoolzwemmen voor groep 4/5.
 
6.3.9 Expressievakken
Op de vrijdagmiddag worden de kinderen van groep 5 t/m 8 verdeeld in zes groepen die volgens een vijfwekelijks schema rouleren. De kinderen krijgen verschillende expressieve activiteiten aangeboden. Zo krijgen ze muziek, drama, koken, techniek, hout, klei, textiel, tekenen, papier en dans.De activiteiten worden georganiseerd en begeleid door ouders en leerkrachten.
 
 
 
 
6.3.10 ICT-onderwijs
ICT-onderwijs staat voor Informatie- en Communicatie Technologie, oftewel: het werken met computers. Sinds 2002 beschikt onze school over een netwerk. Tevens wordt de computer in alle groepen ter ondersteuning ingezet en worden er in de hogere groepen werkstukken e.d. mee gemaakt.
                                  
6.4 ZELFSTANDIG WERKEN
Werken met de weektaak
In onze manier van werken neemt het zelfstandig werken een grote plaats in. U hebt daarover al meer kunnen lezen. Het is een werkvorm waarbij de leerkracht de aandacht voor een bepaalde groep kinderen uitstelt. Daardoor kan de leerkracht ongestoord bezig zijn met de overige kinderen. Dit is vooral van belang in een combinatiegroep, maar ook voor kinderen die extra uitleg of hulp nodig hebben. We doen dit door middel van een weektaak.
Belangrijk is dat de kinderen een van te voren afgesproken tijd leren zelfstandig te werken aan een taak zonder daarbij de meester of juf in te schakelen. Dit houdt echter niet in dat zelfstandig werken hetzelfde is als 'alleen' werken. De kinderen mogen elkaar juist voorthelpen en leren zo met elkaar problemen op te lossen, nadat ze het eerst zelf geprobeerd hebben. We gebruiken het stoplicht en het blokje om ervoor te zorgen dat de afspraken duidelijk zijn.
Een ander aspect van het werken met de weektaak is het plannen. De kinderen mogen voor een groot gedeelte zelf hun werk plannen. Op die manier leren ze verantwoordelijkheid te dragen voor hun werk.
Bij de keuze van onze nieuwe methodes, materialen en werkwijzen laten we ons ook leiden door het gebruik daarvan bij zelfstandig werken. Het zelfstandig werken heeft voortdurend onze aandacht en zal ook voortdurend uitbreiden.
 
6.5 RAPPORT
Dit schooljaar gaan we starten met een nieuw rapport, afgelopen jaar hebben we als team veel energie in de opzet gestoken en we denken dat we u met ons nieuwe rapport een beter beeld kunnen geven van de ontwikkeling van uw kind[eren]. U ontvangt het rapport geen drie keer meer, maar twee keer. Wel willen we vasthouden aan 3 spreekavonden per schooljaar, omdat we het contact met u belangrijk vinden.
De kinderen in groep 1 ontvangen eenmaal aan het eind van het schooljaar een rapport. Vanaf groep 2 wordt dat twee maal per jaar in februari en juni. Per leerjaar kunnen de rapporten verschillen: een kleuter doet nu eenmaal niet hetzelfde als een leerling van groep acht.
 
6.6 HUISWERK
In onze onderwijsvisie neemt huiswerk zeker een plaats in. We vinden het belangrijk dat het leren op school wordt versterkt door wat er thuis aan gedaan kan worden. We noemen dat het z.g. leerversterkend effect. We proberen dat uiteraard wel 'binnen de perken' te houden.
Vanaf groep 6 krijgen de kinderen regelmatig huiswerk mee. In groep 8 krijgen de kinderen wat meer huiswerk mee, als voorbereiding op het voortgezet onderwijs. Ook leren de kinderen van groep 8 om te gaan met een agenda. Deze ontvangen zij van de school.
Daarnaast kan het zijn dat wanneer uw kind op school extra zorg ontvangt, van u gevraagd wordt thuis daaraan ook uw bijdrage te leveren. Dat kan zijn in de vorm van een werkblad, dicteewoorden, maar het kan ook gaan om voorlezen of samen lezen. U krijgt daarover altijd bericht.
In alle gevallen geldt dat u als ouder uiteraard het laatste woord hebt: komt het huiswerk om de een of andere reden niet uit, dan horen we dat graag van u. Wel moet u zich bedenken: huiswerk is niet voor niets.
 
6.7 OVERZICHT
Om u enig inzicht te geven in de tijd die aan onderwijs wordt besteed ziet u hieronder een tabel waarin wordt aangegeven hoeveel tijd per week dit schooljaar aan de verschillende onderdelen wordt besteed. De tijd kan overigens van jaar tot jaar enigszins verschillen. Ook per periode kunnen er verschillen zijn, het gaat om gemiddelden die kunnen variëren.
 

 
 
1
2
3
4
5
6
7
8
 
 
Zintuigelijke en lichamelijke oefening
8.30
9.15
2.00
2.00
1.15
1.15
1.45
1.45
 
 
Nederlandse taal
3.45
3.00
11.30
11.45
9.00
9.30
8.00
8.00
 
 
Rekenen en wiskunde
 
 
4.00
3.45
3.45
3.45
5.00
5.00
 
 
Engels
 
 
 
 
 
 
1.00
1.00
 
 
Aardrijkskunde
 
 
 
 
1.15
1.30
1.15
1.15
 
 
Geschiedenis
 
 
 
0.30
0.45
0.45
1.00
1.00
 
 
Biologie
 
 
0.45
0.45
1.00
1.00
1.15
1.15
 
 
Verkeer
 
 
0.45
0.45
1.15
1.15
1.00
1.00
 
 
Expressie
4.45
4.45
2.45
2.15
3.15
3.15
2.00
2.00
 
 
Godsdienst
2.00
2.00
2.30
2.30
2.30
2.30
2.30
2.30
 
 
Pauze
1.00
1.00
1.15
1.15
1.15
1.15
1.15
1.15
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Totaal
20.00
20.00
25.30
25.30
26.00
26.00
26.00
26.00
 

Kijk verder

wiezijnerjarig

fotos_kijken_knop

Uitgelicht

Wilt u reageren op onze website?
Klik hier voor een berichtje voor de webmeester per e-mail.

Adresgegevens

Leeuwerikstraat 21
8094 AH Hattemerbroek
Tel: 038-3763920
> verdere gegevens